Klantenportalen: de volledige gids
Een klantenportaal is de plek waar een klant zelf ziet wat u anders per mail of telefoon moet vertellen: de status van zijn order, zijn facturen, zijn contract, zijn documenten. Het portaal slaagt niet op de functies die erin zitten, maar op de vraag of de klant er iets vindt dat hij eerder aan u moest vragen.
In het kort
- Een portaal vervangt vragen, geen mensen. Begin bij de tien vragen die uw klantenservice het vaakst beantwoordt; die tien horen in het portaal.
- Inloggen is de eerste indruk en het grootste risico. Een klant die zijn wachtwoord kwijt is, belt alsnog, en een portaal dat te veel toont, lekt.
- Het portaal heeft geen eigen waarheid. Alles wat de klant ziet, komt uit het systeem waar het al staat: de boekhouding, het CRM, het ordersysteem.
- Een klant logt in als hij iets nodig heeft, niet omdat het portaal mooi is. Meet hoeveel vragen verdwijnen, niet hoeveel klanten inloggen.
Wat een klantenportaal is en wat het niet is
Een portaal geeft de klant toegang tot wat u al over hem weet. Het is geen website en geen app om iets nieuws te verkopen.
Alle hoofdstukkenHet woord klantenportaal wordt gebruikt voor alles van een inlogpagina met facturen tot een compleet self-serviceplatform. De kern is steeds hetzelfde: een klant logt in en ziet zijn eigen gegevens, zonder dat iemand bij u die hoeft op te zoeken.
Een klantenportaal beantwoordt de vraag 'hoe staat het met ...' voordat de klant hem stelt.
Dat klinkt eenvoudig, maar het bepaalt het hele ontwerp. Een portaal is geen tweede website met een inlog; een website vertelt wat u doet, een portaal toont wat u voor déze klant heeft gedaan. Het is ook geen app om nieuwe dingen te verkopen. Klanten die inloggen, komen voor iets dat al loopt: een order, een dossier, een contract, een factuur die ze kwijt zijn.
De toepassingen lopen uiteen. Een groothandel geeft zijn afnemers orderhistorie, prijsafspraken en pakbonnen. Een adviesbureau deelt dossiers en concepten die de klant moet goedkeuren. Een installateur laat zien welke apparaten bij de klant staan, wanneer de volgende onderhoudsbeurt is en welke storingen open staan. Een gemeente toont de status van een aanvraag. Het patroon is hetzelfde; wat erin staat, verschilt per bedrijf.
Wat een portaal niet is: een plek waar de klant iets vindt dat u zelf nog niet weet. Als de orderstatus bij u in een spreadsheet staat die eens per week wordt bijgewerkt, toont het portaal een status van een week oud. Het portaal maakt uw administratie zichtbaar, inclusief de gaten erin.
Welke vragen het portaal moet beantwoorden
De inhoud van het portaal staat al in uw mailbox: de vragen die klanten nu stellen, zijn de schermen die u moet bouwen.
Alle hoofdstukkenDe snelste manier om te bepalen wat in het portaal hoort, is niet een workshop maar een export. Haal een maand aan inkomende vragen uit uw mailbox of ticketsysteem en tel per onderwerp. De top tien is de eerste versie van het portaal.
- Status
- waar is mijn order, mijn aanvraag, mijn reparatie
- Documenten
- de factuur, het contract, de offerte, het certificaat
- Gegevens
- adres, contactpersoon, afleveradres, betaalwijze wijzigen
- Melden
- een storing, een klacht, een retour, een vraag
Die vier groepen dekken bij de meeste bedrijven meer dan de helft van het inkomende verkeer. Statusvragen zijn de grootste groep en de makkelijkste om te vervangen, omdat het antwoord al in een systeem staat. Documenten zijn de tweede: een klant die een factuur van drie maanden geleden zoekt, wil hem downloaden, niet aanvragen.
Gegevens wijzigen is lastiger dan het lijkt. Een adreswijziging moet in het CRM, in de boekhouding en soms in het ordersysteem terechtkomen, en die drie hebben elk hun eigen regels over wie wat mag aanpassen. Bouw dit pas als de koppelingen er zijn; een wijziging die alleen in het portaal landt, is erger dan geen wijziging.
Melden is de vierde groep en de enige waar de klant iets nieuws inbrengt. Een storing melden met een foto, een retour aanvragen, een vraag stellen bij een specifieke order: dat is waar een portaal meer wordt dan een kijkdoos. Het vraagt wel dat de melding bij iemand terechtkomt die hem oppakt, en dat de klant de status daarvan weer in het portaal ziet.
Inloggen, rechten en privacy
Een portaal toont persoonsgegevens en bedrijfsgegevens aan iemand buiten uw organisatie. Inloggen en rechten zijn daarom geen randvoorwaarde maar de kern.
Alle hoofdstukkenAlles wat in een portaal staat, is per definitie gevoelig: het gaat over één klant en het is van die klant. De vraag wie binnenkomt en wat hij dan ziet, bepaalt of het portaal een dienst is of een datalek.
De AVG raakt een portaal op twee manieren. Ten eerste dataminimalisatie: toon alleen wat de klant nodig heeft, niet alles wat u over hem heeft. Interne notities, marges en kredietscores horen niet in een klantscherm. Ten tweede het inzagerecht: een portaal waarin de klant zijn eigen gegevens ziet, beantwoordt een deel van de inzageverzoeken vanzelf, maar alleen als hij ook kan zien wat u bewaart en hoe lang.
Voor overheden en zorginstellingen geldt een extra laag. Inloggen met DigiD vraagt een aansluiting bij Logius met een eigen beveiligingsassessment; dat is een traject naast de bouw van het portaal. Wie daar niet aan toe is, begint met een portaal voor zakelijke klanten en zet burgers op de tweede versie.
Waar het meestal misgaat
De meeste portalen mislukken niet op techniek maar op gegevens die niet kloppen, en op een klantenservice die het portaal niet zelf gebruikt.
Alle hoofdstukkenEen portaal dat een verkeerde status toont, is schadelijker dan geen portaal. De klant ziet 'verzonden' terwijl de order in het magazijn ligt, belt boos, en gebruikt het portaal daarna niet meer. Drie patronen komen steeds terug.
Zo blijft het portaal geloofwaardig
- Elke status komt rechtstreeks uit het systeem waar hij wordt bijgehouden, zonder tussenkopie.
- De klantenservice kijkt in hetzelfde portaal als de klant en ziet dus wat de klant ziet.
- Een document staat pas in het portaal als het definitief is; concepten blijven intern.
- Wat het portaal niet weet, zegt het: 'status nog niet bekend' is beter dan een oude status.
Zo verliest het zijn waarde
- Statussen worden 's nachts gekopieerd en lopen overdag een dag achter.
- De klantenservice werkt in het oude systeem en weet niet wat de klant in het portaal heeft gezien.
- Een factuur verschijnt in het portaal voordat de boekhouding hem heeft gecontroleerd.
- Het portaal toont een lege pagina als de koppeling stilstaat, en niemand merkt het.
Het tweede patroon is het gevaarlijkst. Als de klant belt over iets dat hij in het portaal zag, en de medewerker kan dat scherm niet zien, ontstaat een gesprek over twee verschillende werkelijkheden. Geef de klantenservice dezelfde weergave als de klant, met daarnaast de interne informatie. Dat is technisch eenvoudig en het voorkomt de helft van de irritatie.
Het derde patroon is het portaal dat te vroeg te veel wil. Een eerste versie met status en documenten, die klopt, wint het van een complete versie met een self-service die halverwege blijft steken. Klanten vergeven een portaal dat weinig doet; ze vergeven geen portaal dat iets fout doet.
Koppelingen: waar de gegevens vandaan komen
Het portaal bewaart zo min mogelijk zelf. Het leest uit het CRM, de boekhouding en het ordersysteem, en schrijft wijzigingen daar terug.
Alle hoofdstukkenEen portaal is een venster op systemen die u al heeft. Hoe minder het zelf bewaart, hoe minder er uit elkaar kan lopen. Welke koppelingen nodig zijn, hangt af van wat de klant moet zien.
| Koppeling | Wat de klant ziet | Wat het lastig maakt |
|---|---|---|
| Boekhouding | Facturen, betaalstatus, openstaande posten | De factuur moet definitief zijn voordat hij zichtbaar wordt; sommige pakketten kennen dat onderscheid niet. |
| CRM | Contactpersonen, afspraken, wie zijn accountmanager is | Meerdere personen per klant, elk met eigen rechten, moeten ook in het CRM zo staan. |
| Orders of dossiers | Status, historie, pakbonnen, planning | De status moet in het bronsysteem betekenis hebben; 'in behandeling' zegt de klant niets. |
| Documenten | Contracten, certificaten, rapporten | Versiebeheer: de klant moet de getekende versie zien, niet het concept ernaast. |
De volgorde waarin u koppelt, is een keuze. Boekhouding eerst is verleidelijk omdat facturen een duidelijke vraag zijn, maar de status van orders of dossiers levert meestal meer telefoontjes op. Begin bij de bron van de meeste vragen, ook als die koppeling technisch lastiger is.
Terugschrijven is een aparte stap. Lezen uit een systeem is bijna altijd mogelijk; een klant laten wijzigen wat in dat systeem staat, vraagt dat het systeem die wijziging accepteert en dat iemand bij u hem ziet. Bouw de eerste versie leesbaar en laat wijzigingen als verzoek binnenkomen bij een medewerker. Pas als dat loopt, wordt het verzoek een directe wijziging.
Wat het kost, en wat dat bepaalt
Niet het aantal klanten bepaalt de prijs, maar het aantal koppelingen, het aantal rollen per klant en de vraag of de klant ook mag wijzigen.
Alle hoofdstukkenHonderd of tienduizend klanten maakt voor de bouw weinig uit. Wat de prijs drijft, is hoeveel systemen het portaal moet raken en hoeveel het mag veranderen.
- Koppelingen
- elke bron is een eigen stuk werk, met eigen regels en eigen storingen
- Rollen
- één persoon per klant is eenvoudig; drie rollen per organisatie is een rechtenmodel
- Schrijven
- alleen lezen is een venster; wijzigen is een proces met controle
- Inloggen
- een link per mail is simpel; DigiD of eHerkenning is een aansluittraject
Wat meestal meevalt: de schermen zelf. Een overzicht van orders, een lijst facturen, een documentenmap: dat zijn bekende onderdelen. Wat tegenvalt, is de kwaliteit van de gegevens erachter. Een portaal legt bloot dat klantnamen in drie systemen anders zijn gespeld en dat een deel van de orders geen status heeft. Dat opruimen is werk voor u, en het moet vóór de lancering gebeuren.
Reken ook de doorlopende kant mee. Een koppeling die vandaag werkt, breekt als de leverancier van uw boekhoudpakket zijn koppelvlak wijzigt. Iemand moet dat zien en herstellen. Een portaal zonder beheer wordt binnen een jaar een portaal dat verkeerde dingen toont.
Van mailbox naar werkend portaal
Tel de vragen, kies de eerste drie schermen, koppel de bron van de meeste vragen en meet daarna hoeveel vragen verdwijnen.
Alle hoofdstukkenDe volgorde hieronder begint niet bij een ontwerp maar bij uw inkomende mail. Daar staat wat het portaal moet doen.
- Tel een maand aan vragenPer onderwerp: status, documenten, gegevens, meldingen. De top tien is de eerste versie.
- Kies drie schermenNiet meer. De schermen die de meeste vragen vervangen, en waarvan de bron nu al klopt.
- Regel het inloggenWie zijn de klanten, hoeveel personen per klant, en hoe komen ze binnen zonder te bellen.
- Koppel de eerste bronLeesbaar, rechtstreeks, zonder tussenkopie. Test met echte klanten en echte orders.
- Laat de klantenservice meekijkenZij zien wat de klant ziet en noteren wat er mist of niet klopt.
- Meet het verschilHet aantal vragen per onderwerp, vóór en na. Dat cijfer bepaalt wat de tweede versie krijgt.
Veelgestelde vragen
De vragen die het vaakst terugkomen zodra het concreet wordt.
Is een klantenportaal hetzelfde als een klantaccount op een webshop?
Nee. Een webshopaccount draait om bestellen; een klantenportaal draait om wat er na de bestelling gebeurt, of om een relatie zonder webshop: dossiers, contracten, onderhoud, aanvragen. Sommige bedrijven hebben beide, en dan moeten ze dezelfde inlog delen.
Moeten klanten een wachtwoord aanmaken?
Niet per se. Voor klanten die zelden inloggen werkt een link per mail of een code per sms beter; die vergeten ze niet. Voor klanten die dagelijks inloggen en gevoelige handelingen doen, hoort er een wachtwoord met een tweede factor bij. Kies per klantgroep.
Kan de klant zijn gegevens zelf wijzigen?
Dat kan, maar bouw het als tweede stap. Een wijziging moet in het CRM, de boekhouding en soms het ordersysteem landen, en die systemen hebben elk eigen regels. Laat wijzigingen eerst als verzoek bij een medewerker binnenkomen; pas als dat loopt, wordt het een directe wijziging.
Wat als onze gegevens niet op orde zijn?
Dan laat het portaal dat zien, aan de klant. Daarom is opschonen vóór de lancering geen luxe. Begin met de bron die het best klopt en koppel de rest pas als die is opgeruimd. Een portaal dat één ding goed toont, is beter dan een portaal dat vijf dingen half toont.
Hoe zit het met de AVG?
Toon alleen wat de klant nodig heeft, beveilig de toegang passend bij wat er te zien is, en zorg dat de klant kan zien welke gegevens u bewaart. Interne notities en beoordelingen horen niet in een klantscherm. Bij twijfel over een specifiek gegeven: vraag uw functionaris of jurist, niet de bouwer.
Kunnen we een bestaand portaal van ons softwarepakket gebruiken?
Vraag dat eerst na. Veel boekhoud- en ERP-pakketten hebben een klantportaal met facturen en orders. Als dat de vragen van uw klanten dekt, gebruik het. Zelf bouwen wordt interessant als de vragen over meerdere systemen gaan, of als u bepaalt hoe het er voor de klant uitziet.
Hoe weten we of het portaal werkt?
Niet aan het aantal inlogs, maar aan het aantal vragen dat verdwijnt. Tel per onderwerp hoeveel mails en telefoontjes u krijgt, vóór de lancering en drie maanden erna. Onderwerpen die niet dalen, staan niet goed in het portaal of staan er niet in.
Benieuwd hoe uw klantenportaal eruitziet?
Stuur ons een maand aan klantvragen, dan zeggen wij welke drie schermen die vragen vervangen en welke koppeling daarvoor nodig is. U spreekt iemand van Appfront, het bureau achter deze site.