applatenmaken.com/app-gidsen/enquete-app

Enquête- en vragenlijst-apps: de volledige gids

Een enquête- of vragenlijst-app is maatwerk­software waarmee u gericht vragen stelt aan klanten, medewerkers, leden of bezoekers, en de antwoorden meteen bruikbaar maakt. Hij is bedoeld voor organisaties die structureel meten: een tevred­enheid­smeting na elke afgeronde opdracht, een periodiek medewerkers­onderzoek, een veldonderzoek op locatie of een intake die de rest van het proces voedt. Omdat u antwoorden van mensen verzamelt, geldt de AVG, en bij onderzoek onder eigen medewerkers komt daar de medezeggenschap van de ondern­emingsraad bij. Deze gids beschrijft de keuzes die de uitkomst bepalen: vraagtypen en routing, anonimiteit tegenover herleidbaarheid, respons, rapportage, en wanneer een standaardtool volstaat.

In het kort

Wat een enquête- of vragenlijst-app is en welk werk zij ondersteunt

Bijna elke organisatie stelt vragen. Na een opdracht wil een dienstverlener weten hoe de klant het heeft ervaren, een gemeente peilt de mening van bewoners over een plan, een school vraagt ouders naar hun ervaring, en een werkgever meet periodiek hoe het met het team gaat. Vaak gebeurt dat met een losse vragenlijst die per e-mail rondgaat en waarvan de uitkomsten in een spreadsheet belanden. Zolang het bij één meting per jaar blijft, werkt dat prima. Zodra het structureel wordt, gaat er tijd zitten in verzamelen, opschonen en samenvatten, en komt de uitkomst te laat om er nog iets mee te doen.

Een enquête- of vragenlijst-app haalt dat werk uit handen. De vragenlijst staat in de software, gaat automatisch uit op het juiste moment, past zich aan op basis van eerdere antwoorden en levert de uitkomst meteen terug in een overzicht dat de betrokkenen zelf kunnen bekijken. Wat een app op maat toevoegt boven een kant-en-klare tool, is de aansluiting op uw eigen proces: hij weet wie de klant is, welke opdracht er is afgerond, wie er in welk team werkt en aan wie de uitkomst moet worden teruggekoppeld.

Het onderscheid tussen twee soorten onderzoek loopt als een rode draad door deze gids. Bij klantonderzoek is de deelnemer meestal bekend en wilt u de uitkomst juist kunnen herleiden tot een opdracht, zodat iemand kan opvolgen bij een lage score. Bij medewerkers­onderzoek is vaak het omgekeerde nodig: mensen antwoorden alleen eerlijk als zij zeker weten dat hun antwoord niet naar hen is terug te voeren. Die twee vragen om verschillende keuzes in techniek, in juridische onderbouwing en in de manier waarop u rapporteert.

De regels: AVG, anonimiteit en medezeggenschap

Zodra u antwoorden verzamelt die aan een persoon zijn te koppelen, verwerkt u persoons­gegevens en geldt de AVG. Dat begint bij een grondslag: u moet kunnen benoemen waarom u deze gegevens mag verwerken. Bij klantonderzoek komt vaak een gerechtvaardigd belang of toestemming in beeld. Bij onderzoek onder eigen medewerkers ligt toestemming juist lastig, want de Autoriteit Persoons­gegevens wijst erop dat toestemming vrijelijk moet zijn gegeven en dat een werknemer door de gezags­verhouding met zijn werkgever niet vrij is om te weigeren. Kies dus bewust en leg die keuze vast.

72 uurtermijn om een datalek te melden bij de Autoriteit Persoons­gegevens
Art. 28AVG: verwerkers­overeenkomst met wie de antwoorden voor u verwerkt
Art. 27WOR: instem­mingsrecht van de ondern­emingsraad
WCAG 2.1 AAtoegan­kelijk­heidsniveau dat voor overheids­instanties verplicht is
Let op: voor een medewerkers­onderzoek heeft u vaak instemming van de ondern­emingsraad nodig. Artikel 27 van de Wet op de ondern­emingsraden noemt onder meer regelingen op het gebied van de personeels­beoordeling (onderdeel g), regelingen over het verwerken en beschermen van persoons­gegevens van de in de onderneming werkzame personen (onderdeel k) en voorzieningen die gericht of geschikt zijn voor waarneming van of controle op aanwezigheid, gedrag of prestaties (onderdeel l). Regel dat voordat u laat bouwen, niet erna.

Anonimiteit is geen schakelaar maar een ontwerpkeuze. Volledig geanonimiseerde gegevens vallen buiten de AVG, maar de Autoriteit Persoons­gegevens waarschuwt dat organisaties zich daar geregeld op verkijken: gegevens die alleen van een pseudoniem zijn voorzien blijven persoons­gegevens, omdat er nog een verband met een persoon te leggen is. In een vragenlijst zit het risico bovendien in de details. Een open antwoordveld waarin iemand zijn situatie beschrijft, of een combinatie van afdeling, functie en dienstjaren, maakt een deelnemer in een klein team zo weer herkenbaar.

Wilt u dat een medewerkers­onderzoek werkelijk anoniem is, ontwerp er dan naar: koppel geen inloggegevens aan het antwoord, beperk de achter­grondk­enmerken, en toon resultaten pas vanaf een afgesproken minimale groepsgrootte. Het verschil tussen anonimiseren en pseudonimiseren en de gevolgen daarvan staan toegelicht bij de Autoriteit Persoons­gegevens, die ook uitlegt wanneer u persoons­gegevens mag verwerken en waarom toestemming van een werknemer zelden een sterke grondslag is.

Verder gelden de gewone verplichtingen. U verzamelt niet meer dan u nodig heeft voor uw onderzoeksvraag, u vertelt deelnemers vooraf wat er met hun antwoorden gebeurt en hoe lang u ze bewaart, en u spreekt een bewaartermijn af in plaats van alles onbeperkt te houden. Laat u de antwoorden door een leverancier verwerken, dan legt u dat vast in een verwerkers­overeenkomst; volgens artikel 28 van de AVG is dat geen keuze. Gaat het toch mis, dan meldt u een datalek binnen 72 uur bij de toezichthouder.

Let ook op waar de antwoorden staan. Doorgifte van persoons­gegevens naar landen buiten de Europese Economische Ruimte vraagt om een aparte grondslag; de Autoriteit Persoons­gegevens beschrijft dat bij doorgifte binnen en buiten de EU. Voor de beveiliging zelf, zoals versleuteling en toegang per rol, geeft zij aandachtspunten bij beveiliging van persoons­gegevens, en de termijn van 72 uur staat toegelicht bij de meldplicht datalekken.

Kernfu­nction­aliteiten: vraagtypen, routing en talen

De kwaliteit van een enquête zit in de vragenlijst zelf en niet in de knoppen eromheen. Toch bepaalt de software wat u kunt vragen en hoe soepel het invullen verloopt. De zes functies hieronder vormen samen het hart van een vragenlijst-app. Welke ervan u nodig heeft, hangt af van wat u meet en van hoe uw deelnemers antwoorden: geconcentreerd achter een bureau, of tussendoor op een telefoon met één hand.

Vraagtypen die passen

Van schaal en meerkeuze tot open tekst, een foto, een locatie, een datum of een akkoor­dverklaring.

Routing en overslaan

Vervolgvragen die alleen verschijnen als ze relevant zijn, zodat niemand vragen krijgt die niet over hem gaan.

Validatie tijdens invullen

Controle op ontbrekende of onmogelijke antwoorden op het moment zelf, in plaats van opschonen achteraf.

Uitnodigen en herinneren

Uitnodigingen op het juiste moment, met herinneringen aan wie nog niet heeft geantwoord.

Meertaligheid

Dezelfde vragenlijst in meerdere talen, met antwoorden die in één analyse samenkomen.

Rapportage per doelgroep

Uitkomsten die iedere betrokkene op zijn eigen niveau ziet, zonder dat iemand een export hoeft te maken.

Het vraagtype bepaalt meer dan het lijkt. Een schaal van één tot tien nodigt uit tot snel antwoorden maar zegt weinig over het waarom; een open veld levert rijke informatie op die iemand daarna moet lezen en ordenen. Een foto of een locatie is bij veldonderzoek vaak waardevoller dan een extra meerkeuzevraag. Kies per vraag het type dat past bij wat u met het antwoord gaat doen, en bedenk vooraf wie de open antwoorden leest, want ongelezen tekstvelden zijn de stilste verspilling in een onderzoek.

Routing is de functie die het meeste oplevert en het vaakst wordt onderschat. Een vragenlijst die iedereen dezelfde veertig vragen voorlegt, is voor de meeste deelnemers half irrelevant en dus onnodig lang. Een lijst die na drie vragen weet met wie hij te maken heeft en alleen doorvraagt waar dat zin heeft, is korter en levert bruikbaarder antwoorden op. Bedenk de routing daarom tegelijk met de vragen zelf, en niet als technische toevoeging achteraf, want de structuur van de lijst verandert erdoor.

Hoe een onderzoek in de praktijk verloopt

Een meting volgt grofweg een vaste cyclus. Het begint bij de vraag: wat wilt u weten en welk besluit hangt ervan af. Daarna volgt de vragenlijst, met de routing en de antwoordschalen die bij die vraag passen. Dan komt het uitzetten: aan wie, op welk moment en via welk kanaal. Tijdens de veldperiode volgt u de respons en stuurt u herinneringen. Aan het eind staat de terugkoppeling: de uitkomst gaat naar de mensen die er iets mee kunnen, en zichtbaar wordt wat ermee is gedaan.

De respons is meestal het punt waar het spannend wordt. Vier dingen helpen daarbij meer dan een fraaie vormgeving. Ten eerste het moment: een vraag direct na een afgeronde opdracht levert meer op dan een verzamelmail maanden later. Ten tweede de lengte: elke vraag die u schrapt, verhoogt de kans dat iemand de lijst afmaakt. Ten derde het apparaat: als de lijst op een telefoon net zo prettig invult als op een laptop, verliest u onderweg minder mensen. Ten vierde de terugkoppeling.

Tip: vraag alleen wat u gaat gebruiken. Elke vraag waarvan u vooraf niet kunt benoemen welk besluit erdoor verandert, kost respons en levert een kolom op die niemand leest. Dat sluit ook aan bij de datami­nimalisatie die de AVG voorschrijft: u verzamelt niet meer dan nodig is voor uw doel.

Let ook op wie u niet bereikt. Een vragenlijst die alleen per e-mail uitgaat, mist de mensen zonder werkmail. Een lijst die alleen op een desktop goed werkt, mist de buitendienst. En een lijst die slecht bedienbaar is met een schermlezer of met alleen een toetsenbord, sluit een deel van uw doelgroep uit. Voor overheids­instanties is dat bovendien geregeld: het Besluit digitale toegan­kelijkheid overheid verplicht websites en apps te voldoen aan WCAG 2.1 op niveau A en AA, zoals Digito­egankelijk toelicht.

Enqueteur met een tablet tijdens een veldregistratie
Vragen stellen in het veld vraagt een app die ook zonder verbinding werkt en later netjes synchroniseert. Foto: Vugon kumar, via Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0).

Meten in het veld, offline werken en rapportage

Niet elke meting gebeurt achter een bureau. Een interviewer op straat, een inspecteur in een kelder, een medewerker in een magazijn of een onderzoeker op een terrein heeft te maken met een wisselende of afwezige verbinding. Een app die daar rekening mee houdt, slaat antwoorden lokaal op en stuurt ze door zodra er weer verbinding is. Dat klinkt eenvoudig, maar het vraagt keuzes: wat gebeurt er met een half ingevulde lijst, hoe voorkomt u dubbele inzendingen, en wat als twee apparaten dezelfde meting hebben opgeslagen.

Aan de andere kant staan de koppelingen. Een enquête-app die weet welke opdracht is afgerond, kan de uitnodiging zelf op het juiste moment versturen. Een app die de uitkomst terugschrijft naar uw CRM, zet de score naast de klant in plaats van in een los bestand. Bij medewerkers­onderzoek loopt dat anders: daar wilt u juist scheiding tussen het personeels­systeem dat bepaalt wie een uitnodiging krijgt en de opslag van de antwoorden zelf, zodat individuele antwoorden niet alsnog herleidbaar worden.

Rapportage is het onderdeel dat het vaakst tegenvalt. Een dashboard met gemiddelden zegt weinig als niemand weet wat hij ermee moet. Bruikbaar wordt het als iedere betrokkene zijn eigen beeld krijgt: een teamleider ziet zijn team, een regiomanager de regio, en de directie de lijn over de tijd. Daarbij hoort een ondergrens: toon geen uitkomsten van een groep die zo klein is dat individuele antwoorden zichtbaar worden. Open antwoorden vragen extra zorg, omdat mensen daarin namen en situaties noemen die het onderzoek juist herleidbaar maken.

Team van enqueteurs tijdens een digitale telling
Bij grootschalig uitvragen zit het werk in de logistiek: wie vraagt wat, aan wie, en hoe komt het antwoord binnen. Foto: Vugon kumar, via Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0).

Waar u op let als u dit laat bouwen

De eerste vraag is niet hoe u het bouwt, maar of u het moet bouwen. Voor een eenmalige peiling of een korte lijst zonder koppelingen is een standaardtool bijna altijd de verstandige keuze. Maatwerk gaat lonen zodra meten onderdeel van uw proces wordt: als de uitnodiging automatisch uit uw eigen systeem moet komen, als de routing te fijnmazig is voor een standaardpakket, als u offline moet kunnen werken, of als de eisen aan anonimiteit en toegang zwaarder zijn dan een tool aankan.

  • Begin bij het besluit, niet bij de vraag. Benoem eerst welk besluit u met de uitkomst wilt nemen en werk van daaruit terug naar de vragen. Vragen zonder besluit erachter kosten respons en leveren gegevens op die blijven liggen.
  • Kies bewust tussen anoniem en herleidbaar. Herleidbaar maakt opvolgen mogelijk, anoniem maakt eerlijk antwoorden mogelijk. Beide tegelijk beloven werkt niet, en een pseudoniem is volgens de Autoriteit Persoons­gegevens nog altijd een persoonsgegeven.
  • Regel de medezeggenschap voordat u bouwt. Bij een medewerkers­onderzoek heeft u vaak instemming van de ondern­emingsraad nodig op grond van artikel 27 van de Wet op de ondern­emingsraden. Achteraf instemming vragen kost meer tijd dan het vooraf goed regelen.
  • Spreek bewaartermijn, toegang en ondergrens af. Leg vast hoe lang antwoorden bewaard blijven, wie ze mag inzien en vanaf welke groepsgrootte u rapporteert. Zonder die afspraken groeit een meetsysteem stilletjes uit tot een ongewild archief.
  • Test de vragenlijst op echte mensen. Laat een handvol deelnemers de lijst invullen terwijl u meekijkt. Onduidelijke formuleringen, ontbrekende antwoordopties en routing die de verkeerde kant op stuurt, komen daar binnen een half uur boven.
  • Bouw de terugkoppeling meteen mee. Een meting zonder zichtbaar vervolg is een meting die de tweede keer minder respons krijgt. Spreek af wie de uitkomst bespreekt, met wie, en waar deelnemers kunnen zien wat er met hun antwoorden is gebeurd.
Verwerkt u gevoelige antwoorden of beoordeelt u systematisch en uitgebreid persoonlijke aspecten van mensen, dan kan een gegevens­beschermings­effect­beoordeling (DPIA) verplicht zijn. Die is nodig zodra de verwerking waarschijnlijk een hoog privacyrisico oplevert. De Autoriteit Persoons­gegevens beschrijft de werkwijze en de criteria en publiceerde een lijst met verplichte DPIA's.

Wat de kosten bepaalt

Wat een enquête-app op maat kost, hangt vooral af van de complexiteit van de vragenlijst, het aantal koppelingen en de eisen aan anonimiteit en rapportage. Het loont om die factoren te kennen, omdat ze u helpen scherp te kiezen wat in de eerste versie hoort en wat later kan. Hieronder staan de posten die in de praktijk het meeste verschil maken.

De grootste kostenbepaler is de complexiteit van de vragenlijst. Twintig vragen achter elkaar is iets anders dan een lijst met vertakkingen, herhaalde blokken per onderwerp en berekende scores. Daarna volgen de koppelingen: elk systeem dat bepaalt wie een uitnodiging krijgt of dat de uitkomst moet ontvangen, vraagt afstemming en tests. Ook offline gebruik weegt mee, omdat lokaal opslaan, later synchroniseren en het afhandelen van conflicten extra logica vergen die u pas in het veld goed kunt beproeven.

Verder tellen mee: de rapportage, want een overzicht per team met een ondergrens voor groepsgrootte is meer werk dan één tabel voor iedereen; het aantal talen waarin de lijst en de rapportage beschikbaar moeten zijn; en de eisen aan anonimiteit en toegang, omdat een strikte scheiding tussen uitnodiging en antwoord invloed heeft op de opzet. Wij noemen op deze pagina geen tarieven. In een gesprek bepalen we samen welke eerste versie logisch is en wat daarvoor een realistisch budget is.

Stappenplan van vraag naar bruikbare uitkomst

Een enquête-app laten bouwen gaat het soepelst als u begint bij één meting die u toch al doet, in plaats van meteen een meetsysteem voor de hele organisatie te ontwerpen. Dit stappenplan brengt u van die ene meting naar een opzet die u kunt uitbreiden. De volgorde is bewust gekozen: de onderzoeksvraag en de juridische kaders staan voor de techniek, omdat zij bepalen wat u mag vragen, wat u mag opslaan en hoe u mag rapporteren.

  1. Formuleer de onderzoeksvraag en het besluitSchrijf op wat u wilt weten en welk besluit met de uitkomst wordt genomen. Dat ene zinnetje bepaalt later welke vragen mee mogen en welke u kunt schrappen.
  2. Bepaal anoniem of herleidbaarKies of u antwoorden wilt kunnen terugleiden naar een persoon of opdracht, en werk uit wat dat betekent voor de grondslag, de opslag en de minimale groepsgrootte in de rapportage.
  3. Regel de juridische en medeze­ggensc­hapskadersLeg de grondslag, de bewaartermijn en de toegang per rol vast, sluit een verwerkers­overeenkomst met wie de antwoorden verwerkt, en vraag bij een medewerkers­onderzoek tijdig instemming aan de ondern­emingsraad.
  4. Ontwerp de vragenlijst inclusief routingSchrijf de vragen en de vertakkingen samen uit, houd de lijst zo kort als de onderzoeksvraag toelaat en test hem op een telefoon voordat u iets laat bouwen.
  5. Bouw de meting en de terugkoppeling samenLaat naast de vragenlijst meteen het overzicht bouwen waarin de betrokkenen hun eigen uitkomst zien. Zonder terugkoppeling zakt de respons bij de tweede ronde in.
  6. Meet, evalueer en breid uitVolg de respons en het afhaakpunt in de lijst, bespreek de uitkomst met de deelnemers en pas de vragenlijst aan voordat u de volgende doelgroep of meting toevoegt.

Veelgestelde vragen

Mag ik zomaar een enquête sturen naar mijn klanten of medewerkers?

U heeft een grondslag nodig uit de AVG om de antwoorden te mogen verwerken, en u moet deelnemers vooraf informeren over het doel, de bewaartermijn en wie de antwoorden ziet. Bij klantonderzoek kan een gerechtvaardigd belang of toestemming passen. Bij medewerkers ligt toestemming lastiger: de Autoriteit Persoons­gegevens wijst erop dat toestemming vrijelijk moet zijn gegeven en dat een werknemer door de gezags­verhouding niet vrij is om te weigeren. Verzamel daarnaast niet meer dan u voor uw onderzoeksvraag nodig heeft, en beperk het aantal achter­grondk­enmerken dat u uitvraagt.

Kan een medewerkers­onderzoek echt anoniem zijn?

Dat kan, maar alleen als u het onderzoek er bewust naar inricht. Volledig geanonimiseerde gegevens vallen buiten de AVG, terwijl antwoorden met een pseudoniem persoons­gegevens blijven, omdat er nog een verband met een persoon te leggen is. Praktisch betekent echt anoniem: geen inloggegevens aan het antwoord koppelen, weinig achter­grondk­enmerken uitvragen, en resultaten pas tonen vanaf een afgesproken minimale groepsgrootte. Let vooral op open antwoordvelden, want daarin beschrijven mensen situaties die hen in een klein team meteen herkenbaar maken.

Heb ik instemming van de ondern­emingsraad nodig?

Vaak wel. Artikel 27 van de Wet op de ondern­emingsraden geeft de ondern­emingsraad instem­mingsrecht bij het vaststellen, wijzigen of intrekken van onder meer een regeling op het gebied van de personeels­beoordeling, een regeling over het verwerken en beschermen van persoons­gegevens van de in de onderneming werkzame personen, en voorzieningen die geschikt zijn voor waarneming van of controle op aanwezigheid, gedrag of prestaties. Een structureel medewerkers­onderzoek raakt die onderdelen al snel. Bespreek de opzet daarom vroeg, want zonder instemming mag de regeling niet worden uitgevoerd.

Wanneer volstaat een standaardtool en wanneer loont maatwerk?

Voor een eenmalige peiling of een korte lijst zonder koppelingen is een standaardtool bijna altijd de verstandige keuze; die is snel opgezet en u hoeft er niets voor te laten bouwen. Maatwerk gaat lonen zodra meten onderdeel van uw proces wordt. Denk aan uitnodigingen die automatisch uit uw eigen systeem moeten komen, routing die fijnmaziger is dan een pakket aankan, offline invullen in het veld, rapportage per team met een ondergrens voor groepsgrootte, of strikte eisen aan de scheiding tussen uitnodiging en antwoord.

Hoe verhoog ik de respons op een vragenlijst?

Vier dingen werken beter dan een fraaie vormgeving. Het moment: vraag direct na een afgeronde opdracht in plaats van maanden later. De lengte: elke vraag die u schrapt, verhoogt de kans dat iemand de lijst afmaakt, dus schrap alles waarvan u niet kunt benoemen welk besluit erdoor verandert. Het apparaat: zorg dat invullen op een telefoon net zo prettig gaat als op een laptop. En de terugkoppeling: wie ooit heeft gezien dat er iets met zijn antwoord is gedaan, vult de volgende keer eerder in.

Werkt een enquête-app ook zonder intern­etverb­inding?

Dat kan, en voor veldonderzoek is het vaak noodzakelijk. De app slaat antwoorden dan lokaal op het apparaat op en stuurt ze door zodra er weer verbinding is. Wel vraagt dat om expliciete keuzes: wat gebeurt er met een half ingevulde lijst, hoe voorkomt u dat dezelfde meting twee keer binnenkomt, en wat als twee apparaten dezelfde meting hebben opgeslagen. Reserveer daarnaast tijd om dit in de echte omgeving te beproeven, want problemen met synchroniseren komen zelden aan een bureau boven.

Wat bepaalt de kosten van een maatwerk enquête-app?

Vooral de complexiteit van de vragenlijst, het aantal koppelingen en de eisen aan anonimiteit en rapportage. Een rechttoe rechtaan lijst is eenvoudiger dan een lijst met vertakkingen, herhaalde blokken en berekende scores. Elk systeem dat bepaalt wie een uitnodiging krijgt of dat de uitkomst moet ontvangen, vraagt afstemming en tests. Offline invullen, meertaligheid en rapportage per team met een ondergrens voor groepsgrootte tellen eveneens mee. In een vrijblijvend gesprek bepalen we samen welke eerste versie logisch is en wat daarvoor een realistisch budget is.

Verder lezen