applatenmaken.com/NEN 7513-logging koppelen

NEN 7513-logging koppelen aan uw eigen systemen

Bijna elk zorgsysteem logt iets. Het probleem is dat het overal net iets anders logt, in technische termen, met een bewaartermijn die is gekozen voor foutopsporing en niet voor een patiënt die vraagt wie zijn dossier heeft ingezien. NEN 7513 beschrijft wat er wél in moet, en dat is meer dan wie er heeft gelezen.

Waar dit om draait

NEN 7513 heet voluit "Medische informatica – Logging – Vastleggen van acties op elektronische patiëntdossiers". De norm legt vast welke gebeurtenissen u logt, welke gegevens daarbij horen, aan welke kwaliteitseisen logging moet voldoen en hoe lang logbestanden bewaard blijven. De herziene versie sluit aan op de internationale norm voor audit trails bij elektronische patiëntdossiers.

Het misverstand zit in de reikwijdte. Veel systemen loggen alleen dat er is gelezen. De norm wil ook wijzigingen, exports en afdrukken zien, en behandelt gegevensuitwisseling met ketenpartners als een aparte gebeurtenis. Dat laatste is precies het deel dat buiten uw eigen scherm gebeurt en daarom het vaakst ontbreekt.

Wat er in de logging hoort

Per gebeurtenis gaat het om wie, wanneer, welke gegevens en in welke hoedanigheid. Dat klinkt eenvoudig en valt in de praktijk uiteen in een lijst die uw systemen niet alle vier kennen.

  • Raadplegen van een dossier, met de patiënt en het onderdeel dat is geopend.
  • Wijzigen, aanmaken en verwijderen van gegevens in het dossier.
  • Exporteren en afdrukken, want daarmee verlaat informatie het systeem.
  • Beschikbaarstelling aan een ketenpartner, apart van het raadplegen zelf.
  • De hoedanigheid waarin iemand keek: behandelrelatie, waarneming of beheer.
  • Inzage in de logging zelf, want ook dat is een handeling op gevoelige gegevens.

Waarom dit zelden uit één systeem komt

Een zorgorganisatie van enige omvang werkt met een dossiersysteem, een portaal, een labkoppeling, een beeldarchief en soms een eigen webapplicatie. Elk daarvan logt in zijn eigen vorm en bewaart dat een eigen periode. Wie de vraag van een patiënt wil beantwoorden, moet die stromen samenbrengen op één tijdlijn.

Daar komt bij dat de meeste logging technisch is opgeschreven: een gebruikersnummer, een tabelnaam, een tijdstempel in UTC. Dat is bruikbaar voor een beheerder en onbruikbaar voor de persoon voor wie het recht bedoeld is. De vertaling naar begrijpelijke taal is daarom geen presentatielaagje maar onderdeel van wat u moet leveren.

Wij bouwen die verzamel- en vertaallaag naast uw bestaande systemen. De dossiers blijven waar ze zijn; wat wij toevoegen is één plek waar de gebeurtenissen samenkomen en waar een functionaris of een patiënt een leesbaar antwoord krijgt.

Bewaren en beveiligen

Logging moet minstens zo goed beveiligd zijn als de gegevens waarover zij gaat. Dat betekent in de praktijk toegang met meer dan een wachtwoord, en het betekent dat het loggingoverzicht zelf niet voor iedereen zichtbaar is: het toont immers ook welke medewerker welk dossier heeft geopend.

De bewaartermijn is het tweede punt waarop bestaande systemen tekortschieten. Applicatielogs worden vaak na weken of maanden opgeruimd, terwijl het inzagerecht verder terugkijkt. Wat wij bouwen, bewaart de gebeurtenissen apart van de technische logs, met een termijn die u kiest en die niet meebeweegt met het opschoonbeleid van een leverancier.

Integraties en techniek

De aansluiting verschilt per bron. Sommige systemen bieden een auditlog-API, andere schrijven naar een tabel of een bestand, en bij een enkele leverancier is er alleen een exportknop. Wij inventariseren dat per systeem voordat we iets beloven, want de haalbaarheid zit hier in de bronnen en niet in onze kant.

De verzamellaag normaliseert wat binnenkomt naar één gebeurtenismodel: wie, wanneer, welke patiënt, welk onderdeel, welke handeling, in welke hoedanigheid. Vanaf dat model bouwen we de weergave voor de functionaris en de weergave voor de patiënt, met verschillende rechten. Hoe koppelingen in het algemeen werken staat op systemen koppelen met een api.

Waar u op let

Let op de bron die het minst meewerkt. Eén systeem dat geen bruikbare logging afgeeft, maakt het totaalbeeld onvolledig, en dat is precies het antwoord dat u niet wilt geven. Breng dat vroeg in kaart en leg het contractueel bij uw leverancier neer als het aan hun kant ligt.

Let ook op de verhouding met uw medewerkers. Een overzicht van wie wat opende, raakt hun arbeidsverhouding. Spreek vooraf af wie het overzicht mag inzien, wanneer er wordt gecontroleerd en wat er gebeurt bij een signaal. Dat is een organisatievraag die u niet met software oplost, maar die de inrichting wel bepaalt.

Wat de kosten bepalen

Het aantal bronsystemen weegt het zwaarst, en daarna de vorm waarin die hun logging afgeven. Een systeem met een nette auditlog-API is een dag werk; een systeem waaruit alleen een bestand komt dat u zelf moet uitpakken, is een veelvoud daarvan.

Daarnaast telt of de patiëntkant meemoet. Een intern overzicht voor een functionaris is aanzienlijk kleiner dan een omgeving waarin een patiënt zelf inlogt en zijn eigen logging bekijkt, omdat daar identiteitscontrole en een begrijpelijke weergave bij horen.

Hoe wij het aanpakken

  1. We inventariseren per systeem wat er nu wordt gelogd en in welke vorm het beschikbaar is.
  2. We leggen het gebeurtenismodel vast: wie, wanneer, welke patiënt, welke handeling.
  3. We bouwen de eerste koppeling met de bron die het meeste verkeer heeft.
  4. We voegen de overige bronnen toe en maken de weergave voor de functionaris.
  5. Pas daarna komt de patiëntkant, met de identiteitscontrole die daarbij hoort.

Veelgestelde vragen

Vervangt dit de logging van ons dossiersysteem?

Nee. Uw dossiersysteem blijft loggen zoals het dat doet; wij halen die gebeurtenissen op en brengen ze samen met die van uw andere systemen. Het voordeel is dat u niet afhankelijk bent van wat één leverancier toevallig toont, en dat u een bewaartermijn kunt kiezen die past bij het inzagerecht in plaats van bij foutopsporing.

Wat als een leverancier geen logging beschikbaar stelt?

Dan is dat het eerste dat op tafel moet, want zonder die bron blijft uw overzicht incompleet. Soms is er een exportmogelijkheid die niet in de documentatie staat, soms is het een kwestie van een contractuele afspraak. Wij inventariseren dat vooraf en beloven geen koppeling voordat we hebben gezien wat het systeem afgeeft.

Moet een patiënt de logging zelf kunnen inzien?

De norm gaat ervan uit dat gelogde gegevens in begrijpelijke vorm aan de patiënt beschikbaar worden gesteld. Hoe u dat doet, is een keuze: via een portaal waar iemand zelf inlogt, of op verzoek. Het eerste kost meer om te bouwen en scheelt daarna werk; het tweede is sneller klaar en kost per verzoek handwerk.

Hoe lang moeten logbestanden bewaard blijven?

Langer dan een gewone applicatielog, en de precieze termijn hangt af van de norm en van uw eigen beleid. Praktisch betekent het dat u de gebeurtenissen los van de technische logs bewaart, want anders bepaalt het opschoonbeleid van een leverancier hoe ver uw inzagerecht terugkijkt. Welke termijn voor u geldt, bepaalt uw functionaris gegevensbescherming.

Is dit hetzelfde als NEN 7510?

Nee. NEN 7510 gaat over informatiebeveiliging in de zorg als geheel; NEN 7513 gaat specifiek over het vastleggen van handelingen op patiëntdossiers. Ze horen bij elkaar, maar de eisen zijn anders. Zie ook NEN 7510 in de zorg.

Van wie is de software na oplevering?

Van u. Code en omgeving staan op uw naam, zodat u niet vastzit aan een leverancier voor elke wijziging.

Verder lezen